Een reflex is een spontane respons op een sensorische of proprioceptie stimulatie. De respons zal bestaan uit het samentrekken van een deel van het lijf, zoals een spier of een reactie waarbij slijm wordt aangemaakt. Je kunt dit op geen enkele wijze beïnvloeden.

Als een reflex geïntegreerd is dan is er sprake van dat het lijf op een goede manier reageert en het zich automatisch beschermt waardoor het tot groei en ontwikkeling kan komen.

Hieronder geef ik u informatie over enkele reflexen: wat de reflex inhoudt, wanneer het ontstaat en verdwijnt en waar het voor zorgt. En wat er kan gebeuren als de reflex niet goed is geïntegreerd.

  • Robinson Hands Grasp
  • Hands Pulling Reflex
  • Hand Support Reflex
  • Moro Reflex
  • Babinski Reflex
  • Leg Cross Flexion-Extension
  • Automatic Gait
  • Bauwer Crawling
  • Fear Paralysis Reflex
  • Babkin Palmomental
  • Asymmetrical Tonic Neck Reflex
  • Symmetric Tonic Neck Reflex
  • Tonic Labyrinthine Reflex
  • Head Righting Reflex
  • Landau Reflex
  • Trunk Extension Reflex
  • Spinal Galant Reflex
  • Spinal Perez Reflex
  • Bonding Reflex

Robinson Hands Grasp (grijpreflex)

In de 11e week van de zwangerschap verschijnt deze reflex al. Hij blijft actief tot ongeveer de 1e verjaardag van de kleine. Zodra er een stimulus wordt gegeven in de handpalm, sluiten de vingers zich er omheen. Dat is in eerste instantie de hele vuist, echter na een aantal maanden leert de kleine al om de vingers d.m.v. de pincetgreep te gebruiken. Dan kan er iets tussen duim en wijsvinger vastgehouden worden.

We hebben deze reflex nodig om ons ergens aan vast te kunnen houden.

Tevens is deze reflex de basis voor onszelf kunnen ondersteunen bv door het grijpen van een leuning (om niet te vallen) en balans. Met een goede grip kunnen we behalve een object goed vasthouden ook een situatie beter begrijpen. Het geeft ons houvast.

Deze reflex zorgt er ook voor dat we een voorkeurskant ontwikkelen. Met een voorkeur van bijvoorbeeld onze schrijfhand, ons dominante oog en ons dominante oor.

Ook is het de basis van een goede hand-oog en hand-mond coördinatie.

Voorbeelden van een niet voldoende geïntegreerde grasp:

  • een krampachtige pengreep;
  • een pengreep zonder kracht of met onvoldoende grip;
  • slecht leesbaar handschrift;
  • schrijven niet leuk vinden;
  • snel pijn in de handen hebben bij het schrijven;
  • hinder ervaren bij fijn motorische vaardigheden;
  • motorisch niet sterk zijn;
  • uitdagingen hebben met spraak en communicatie (articulatie);
  • zwakke blaas hebben;
  • moeite met het stellen van grenzen.

Filmpje over de Robinson Hands Grasp

Filmpje van een oefening om de grasp te verbeteren 

Hands Pulling Reflex

Deze wordt ook wel de "optrekreflex" genoemd.

Deze reflex wordt getriggerd als een kind op de rug ligt en wordt vastgepakt bij de pols en overeind wordt getrokken naar een zittende positie. De elleboog buigt, het hoofd gaat naar de borst en als geheel is de beweging naar voren.

Deze reflex verschijnt rondom de 12e week in de baarmoeder en blijft actief tot de 2e maand na geboorte.

Deze reflex beschermt ons zodat we veilig kunnen gaan zitten of staan.

De Hands Pulling Reflex zorgt ervoor dat we gericht kunnen grijpen, iets naar ons toe kunnen trekken en van ons af kunnen duwen.

Deze reflex activeert de head righting reflex.

Voorbeelden van een niet-geïntegreerde Hands Pulling Reflex:

  • zwakke spierspanning in de armen, vaak blijven de armen recht of juist gebogen;
  • moeite met schrijven;
  • slecht handschrift;
  • uitdagingen in spelling;
  • spraak en/of communicatieve vertraging;
  • slechte socialisatie met name door moeite tussen geven en nemen;
  • uitdagingen in manuele vaardigheden; waardoor activiteiten als breien, een muziekinstrument bespelen of tekenen als lastig ervaren kunnen worden;
  • we zien het ook vaak terug bij kinderen met ADD, ADHD of autisme wanneer het kind neigt naar vlucht of beschermingsreacties bij nieuwe situaties rondom communicatie.

Filmpje over de Hands Pulling Reflex

Hand Support Reflex (jezelf-opvang-reflex)

We hebben deze reflex nodig om onze fysieke persoonlijke ruimte goed te kunnen aangeven. Hij is ook belangrijk om gevaar en stress op armlengte weg te houden. Het gaat bij deze reflex om het kunnen aangeven van grenzen, ‘NEE’ kunnen en durven zeggen en het hebben van zelfvertrouwen.

Hij is vanaf de 12e week in de baarmoeder actief en zou volledig geïntegreerd moeten zijn rond de leeftijd van 6 maanden.

Voorbeelden van een niet goed geïntegreerde Hand Support reflex:

  • jezelf verwonden als je valt (niet kunnen opvangen);
  • onhandigheid;
  • vaak vallen;
  • slechte balans;
  • slechte fijne motoriek;
  • moeizame informatie verwerking;
  • moeite met het aangeven van persoonlijke grenzen;
  • gemakkelijk slachtoffer zijn;
  • pesten of gepest worden;
  • agressief of primair kunnen reageren;
  • pijn in onderrug;
  • zere scheenbenen.

 

Moro Reflex

Deze reflex dient voor onze bescherming. Het is een soort alarmsysteem. Bij een baby zien we dat als er een onverwacht hard geluid is of ineens veel licht te zien is, dat de baby zichzelf beschermt door met de handjes boven het hoofd te bewegen (schrikbeweging).

Het is samen met de Fear Paralysis Reflex de belangrijkste primaire reflex in tijden van stress.

De Moro reflex zorgt voor de eerste ademhaling na geboorte, het activeert het sympathisch zenuwstelsel. We hebben dit nodig om gevaar te kunnen signaleren of om te kunnen vluchten uit een pijnlijke situatie of prikkel.

De Moro reflex begint in de baarmoeder rond de 9 weken. Normaal zou deze reflex volledig ontwikkeld moeten zijn bij de geboorte, rond de 4e maand zou hij volledig geïntegreerd moeten zijn.

Voorbeelden van een niet goed geïntegreerde Moro reflex:

  • (grote) angsten;
  • timide;
  • gebrek aan vertrouwen;
  • overactieve bijnieren: hartkloppingen, versnelde ademhaling, adem inhouden, transpireren kunnen hier uitingen van zijn;
  • verzwakt immuun systeem;
  • gevoelig voor allergieën en infecties;
  • slechte balans;
  • wagenziekte;
  • hypergevoelige zintuigen (licht, geluid, stress);
  • moeite met focussen;
  • moeite met vriendschappen;
  • emotioneel onvolwassen gedrag;
  • problemen met nieuwe uitdagende ervaringen.

Filmpje over het MORO reflex

Babinski Reflex

De Babinski reflex is nodig voor een goede ontwikkeling van het zenuwstelsel, het zorgt voor circulatie van het hersenvocht. Ook ondersteunt deze reflex het kruipen (bauwer crawling) en is hij nodig om goed en stevig te kunnen staan.

Hij start rond de 11e/12e week in de baarmoeder en is actief tot aan de 2e verjaardag. Bij veel kinderen is deze reflex nog lang actief.

Deze reflex hebben we nodig om een goede balans te hebben in ons leven, zowel statisch als in beweging. Het geeft ons stabiliteit en zelfvertrouwen.

Ook zorgt een goed geïntegreerde Babinski reflex voor betere denkprocessen en een betere integratie van andere bewegingen. Hij vormt de basis voor grovere motorische vaardigheden.

Voorbeelden van een niet-geïntegreerde Babinski:

  • het ontbreken van goede gronding en stabiliteit;
  • slechte balans;
  • slechte bilaterale (twee-zijdige) integratie;
  • problemen met coördinatie van grove en fijne motorische vaardigheden;
  • vertraging in spraak;
  • verlegenheid;
  • schoenen die aan buitenkant meer versleten zijn (herkenning);
  • platvoeten;
  • moeite met goede denkprocessen;
  • moeite met juiste waarneming van alle zintuigen;
  • motorische en/of cognitieve uitdagingen;
  • flexibiliteit in de heupen;
  • O-benen of X-benen;
  • tenen lopen;
  • angsten.

Filmpje over het Babinski Reflex

Leg Cross Flexion-Extension

Ook wel het "benen-buig-strek reflex" genoemd. 

Deze reflex is nodig om een goede bewustwording te hebben van de beide zijden van ons lichaam. Tevens zorgt hij voor goede en soepele denkprocessen. Ook heeft deze reflex invloed op het voorspellen van oorzaak en gevolg situaties.
We hebben deze reflex nodig om een goede coördinatie van de benen te hebben, samen én onafhankelijk van elkaar.

Deze reflex zorgt ervoor dat we onszelf kunnen bescherming tegen verwonding bij het stappen op iets scherps!
Ook is het een belangrijke reflex om makkelijk tot leren te komen. Hij zorgt er voor een goede denksnelheid.
Daarnaast is het een voorloper van lopen en rennen.

Rond de 12e week ontstaat hij in de baarmoeder en hij is actief tot 2e maand na de geboorte.

Voorbeelden van een niet-geïntegreerde Leg Cross flexion-extension:

  • hyperactiviteit;
  • houdingsproblemen;
  • slechte coördinatie van de middenlijn;
  • inefficiënte bewegingspatronen;
  • evenwichtsproblemen;
  • vermoeidheidsproblemen;
  • ongecontroleerde bewegingen;
  • moeite met begrijpend lezen;
  • moeite met redactiesommen (verhaaltjessommen);
  • trage informatieverwerking;
  • agressie;
  • fobieën;
  • zwart/witte waarneming van situaties.

Deze reflex is vaak nog actief bij ADHD/ADD; dyscalculie, dyslexie, autisme en cerebrale parese.

Een prachtig artikel over de leg cross flexion-extension reflex 

Filmpje over de leg cross flexion-extension reflex 

Automatic Gait

De automatic gait reflex noemen we ook wel de loopreflex. Deze reflex bereidt de voeten en de buikspieren voor op het lopen.
We hebben deze reflex nodig om goed in balans te zijn en goed te kunnen bewegen. Voor kinderen is hij essentieel om tot kruipen te komen.
In ons latere leven zorgt hij dat we ons adequaat in de ruimte kunnen oriënteren.

Deze reflex uit zich in: een automatisch looppatroon als de voetjes de grond raken als de kleine net geboren is. Deze reflex verschijnt in de 12e week van de zwangerschap en is actief tot de 2e levensmaand.

Voorbeelden van een niet goed geïntegreerde automatic gait reflex zijn:

  • slechte oriëntatie in de ruimte;
  • zwakker denkvermogen, denkprocessen nemen tijd in beslag;
  • lateralisatie moeilijkheden;
  • traag studietempo;
  • gebrek aan creativiteit;
  • moeite met het verwerken van nieuwe informatie.

We zien dit in de praktijk regelmatig bij mensen met ADHD- of ADD-klachten.

Filmpje met het automatic gait reflex bij een 6 dagen oude baby

Bauwer Crawling (kruipen)

Deze reflex is enorm belangrijk voor een goede ontwikkeling van de motorische coördinatie en onze lateralisatie (de samenwerking tussen onze beide hersenhelften).

Als de baby geboren wordt zien we als het ware dat er al naar de borst gekropen wordt van de moeder. Hierdoor wordt de hersenbalk geactiveerd.

Deze reflex activeert de hersenbalk.

Over het algemeen ontwikkelt deze reflex zich voor de baby 4 maanden is.

Voorbeelden van een niet goed geïntegreerde Bauwer reflex:

  • vertraagt rollen van de baby;
  • later kruipen en lopen;
  • vertraagde integratie van diverse andere reflexen als de Asymmetrical Tonic Neck Reflex, Tonic Neck Reflex, Symmetric Tonic Neck Reflex en grotere kans op leerproblemen;
  • lage spierspanning;
  • slechte houding;
  • moeite met het verwoorden van eigen gedachtes;
  • vertraging in de emotionele ontwikkeling;
  • kans op het ontwikkelen van fobieën;
  • gebrek aan motivatie van binnenuit;
  • laag zelfbeeld.

De bewegingen activeert en ontwikkelt de zenuwen in het corpus collosum.

Filmpje over de bauwer crawling reflex.

Fear Paralysis Reflex (angst-terugtrek-reflex)

Deze reflex ontstaat kort na de conceptie en zou ruim voor de geboorte al geïntegreerd moeten zijn. De Fear Paralysis Reflex zorgt ervoor dat we een soort van bevriezen. Alsof de wereld stil staat. Het is een reflex die ons leven ernstig kan beperken als deze nog actief is.

Als deze reflex niet (goed) is geïntegreerd dan:

  • heftige angst voor nieuwe situaties;
  • paniekstoornissen;
  • slechte balans;
  • beperkte oogcontact;
  • hypergevoelig voor aanraking;
  • onder stress bevriezen waardoor het niet mogelijk is te denken en te bewegen;
  • dwangmatig gedrag;
  • OCD;
  • driftbuien;
  • explosief, primair gedrag;
  • moeite om te veranderen;
  • adem inhouden;
  • verlegenheid;
  • erbij willen horen;
  • weinig zelfvertrouwen;
  • lage stress tolerantie;
  • moeilijk affectie kunnen tonen;
  • gevoelig voor reisziekte.

Babkin Palmomental

Dit is een hand-mond reflex. Deze reflex is nodig om goed te kunnen eten. Het is de basis voor de ontwikkeling van de Asymmetrical Tonic Neck Reflex, onze spraakontwikkeling, onze gezichtsuitdrukkingen en onze communicatieve vaardigheden.

Deze reflex start in de 9e week van de zwangerschap en rond de 4e maand na de geboorte is hij geïntegreerd. Bij een stimulus in de palm beweegt het hoofdje van de baby naar de geactiveerde palm, het mondje zoekt naar eten en gaat open. Als beide handen stimulus krijgen gaat het mondje open en kinnetje naar eigen borst.

De mond wordt in eerste instantie gebruikt om te overleven en later is de mond een belangrijk orgaan voor onze cognitie.

We hebben deze reflex ook nodig om goed te kunnen slikken, zuigen en bijten.

Voorbeelden van een niet-geïntegreerde Babkin:

  • verkrampte vuisten;
  • spanning in het lichaam;
  • spraakmoeilijkheden zoals stotteren;
  • beweeglijkheid in het gezicht;
  • spanning in de kaak;
  • lippen en tong bewegingen bij kleine motorische handelingen;
  • nagelbijten;
  • tandenknarsen;
  • kauwen op kleding, kauwkettingen of potloden (hunkering naar orale stimulatie);
  • eetstoornissen;
  • zwakke oog-hand coördinatie;
  • lage spierspanning in de handen;
  • afhankelijkheid;
  • gevoelig voor verslaving op roken, alcohol of drugs.

Asymmetrical Tonic Neck Reflex

Deze reflex is belangrijk voor het kunnen buigen en strekken van onze arm en been aan dezelfde zijde. Hij zorgt voor de basis voor het latere grijpen.
Hij is ook nodig voor de differentiatie tussen links en rechts. Hierdoor  zijn we in staat om onze middenlijn te vinden en om dominantie te kunnen ontwikkelen, onze voorkeurskant.

Deze reflex is van belang voor de ontwikkeling van een goede waarneming van de werkelijkheid. 
Hij zorgt ervoor dat ons rechter oor de voorkeur voor taal heeft en ons linker oor voor ritme. Ook zorgt hij voor een betere integratie tussen horen en zien. Daarnaast speelt deze reflex een rol in onze oog-hand-samenwerking.
Hij zorgt ervoor dat we met twee ogen kunnen zien en met twee oren kunnen horen. Ook zorgt hij voor een betere aandachtsspanne een goed functionerend geheugen.

In de 13e week van de zwangerschap kunnen we hem als eerste waarnemen en rond de 7e maand zou hij geïntegreerd moeten zijn.

Voorbeelden van een niet goed geïntegreerde ATNR:

  • problemen met aandacht, focus en denken;
  • slechte lateralisatie met daarbij een inadequate of gemengde dominantie;
  • verwarring met de abdominal reflex;
  • dyslexie (er is een aangetoonde relatie tussen een actieve Asymmetrical Tonic Neck Reflex en dyslexie);
  • moeite om stil te kunnen zitten;
  • moeite met het gooien en vangen;
  • leeruitdagingen op het gebied van taal, lezen, spelling, rekenen en schrijven;
  • nek- of schouderklachten;
  • slecht handschrift;
  • niet gemotiveerd;
  • overschrijven van het bord kan een probleem zijn.

Mensen met een actieve Asymmetrical Tonic Neck Reflex zijn vaak beelddenkers, ook bij ADHD komt het vaak voor.

Filmpje waarin je de Asymmetrical Tonic Neck Reflex in werking ziet

Symmetric Tonic Neck Reflex

Deze reflex zorgt voor een goede samenwerking tussen nek, hoofd en armen. Het zorgt ervoor dat we de onderkant van ons lijf en de bovenkant van ons lijf los van elkaar kunnen bewegen.

Tevens is deze reflex van groot belang voor de accommodatie van de ogen (dichtbij en verder weg kunnen zien)

De reflex blijft actief tot de kleine 10 maanden zal zijn.

Voorbeelden van een niet goed geïntegreerde Symmetric Tonic Neck Reflex:

  • leerproblemen;
  • uitdagingen met lezen en schrijven;
  • moeite met overnemen van het bord;
  • bij teveel denken aanspannen van hoofd, handen, armen en rug;
  • afwijkend looppatroon;
  • zwakke armen;
  • moeite met oog- handcoördinatie;
  • zwaar hoofd (zit veel met hand onder hoofd);
  • zitten op benen in de klas (W-zit);
  • moeite met rechtop zitten;
  • ogen snel moe;
  • moeite met keuzes maken;
  • ADHD;
  • dysgrafie (nauwelijks leesbaar handschrift);
  • kans op sociale problemen;
  • slecht diepte zien;
  • uitdagingen rondom ruimtelijk bewustzijn.

Tonic Labyrinthine Reflex

Deze reflex is belangrijk voor een goede integratie van ons vestibulair, ons visueel en ons proprioceptie systeem.

Hiermee wordt bedoelt dat we een goede controle over onze spierspanning door het hele lichaam heen krijgen, net als een goede coördinatie van onze bewegingen, waarbij we afwisselend kunnen aanspannen en ontspannen. Ook zorgt deze reflex ervoor dat we goed kunnen omgaan met de zwaartekracht. Het is de voorbereiding van rollen en kruipen.

Deze reflex begint in de baarmoeder al met 10 weken, dan is de Tonic Labyrinthine Reflex in flexie (buigen) waar te nemen. Tussen de 2 tot 4 maanden is ook de Tonic Labyrinthine Reflex in extensie (strekken) aanwezig.

De reflex zou rond de 12 maanden geïntegreerd moeten zijn.

Voorbeelden van een niet goed geïntegreerde Tonic Labyrinth Reflex:

  • reactiviteit in alle spieren;
  • slechte ontwikkeling van de reflexen die het hoofd omhoog moeten houden;
  • moeite om aan tafel te kunnen zitten;
  • visuele onzekerheid;
  • slechte houding;
  • slechte coördinatie;
  • apathie;
  • vermoeidheid;
  • slechte perceptie van tijd en ruimte
  • moeite met oorzaak en gevolg;
  • hyper- of hypotone spieren;
  • zwakke balvaardigheid;
  • reisziekte;
  • moeite met overschrijven;
  • vermoeid bij lezen;
  • moeite om meerdere instructies te kunnen volgen;
  • moeite met articulatie;
  • moeite met organisatie.

Head Righting Reflex (hoofdrichting reflex)

We hebben deze reflex nodig om ons hoofd recht op onze nek te houden, het beeld wat we dan zien staat hierdoor stil waardoor we ons beter kunnen focussen.

Deze reflex is een samenwerking tussen onze ogen en ons evenwichtsorgaan. Hij verschijnt ongeveer 4 maanden nadat we geboren zijn en blijft ons hele leven bij ons.

Voorbeelden van een niet goed geïntegreerde Head Righting Reflex:

  • laat leren lopen;
  • lage spierspanning;
  • slechte balans;
  • spraak / taal zwak;
  • zwakke fijne motoriek;
  • zwakke grove motoriek;
  • zwakke auditieve verwerking;
  • verwerkingssnelheid kan traag zijn;
  • niet zelfstandig genoeg zijn;
  • dyslexie;
  • moeite met het geheugen.

IJsvogels laten deze reflex ook mooi zien. Hun hoofd blijft altijd op dezelfde plek. Je ziet dat hier.

En bij de mens ziet het er zo uit.

Landau Reflex (blij reflex)

Deze reflex kan helpen bij het trainen van het zicht. Omdat de kleine vanuit een andere hoek de wereld bekijkt. Tevens zorgt het voor een goede coördinatie van de voorkant en achterkant van het lijf als ook de boven- en onderkant.

Deze reflex zorgt voor emoties van blijdschap, visuele perceptie, differentiatie van de spieren in wervelkolom en het rondpompen van het hersenvocht.

Rond de 12 weken is de upper Landau (bovenkant) actief en zo rond de 5 á 6 maanden is de gehele Landau actief en dit blijft tot ongeveer 2/3 jaar het geval.

Voorbeelden van een niet goed geïntegreerde Landau reflex:

  • slechte spierspanning;
  • houdingsstoornissen;
  • moeilijkheden met concentratie;
  • depressie;
  • spierspanning in nek en boven rug;
  • gebrek aan levensvreugde.

Een video over de Landau Reflex.

Trunk Extension Reflex

Deze reflex zorgt ervoor dat het de hersenvloeistof heen en weer gepompt kan worden. Het is een belangrijke reflex die gaat over de controle die we hebben over onze houding, of we goed kunnen aarden en of we tot leren kunnen komen.

De Trunk Extension reflex, ontstaat in de baarmoeder rond de 12e week. Na de geboorte zo rond een maand of 7 á 9 is de reflex geïntegreerd.

Voorbeelden van een niet goed geïntegreerde Trunk Extension Reflex:

  • hangende schouders;
  • ongemotiveerde houding;
  • op tenen lopen;
  • leerproblemen;
  • moeite met emotieregulatie;
  • moeite met overzicht;
  • onhandig;
  • verminderd zelfvertrouwen;
  • depressie;
  • burn-out;
  • teveel focus op details;
  • neiging om teveel voorover of juist achterover gebogen te lopen;
  • weinig fantasie of verbeelding.

Spinal Galant Reflex

Deze reflex is belangrijk voor het voorbereiden van het gehoor omdat het – in de baarmoeder - geluidsgolven doorgeeft in het lichaam. Het is ook een belangrijke reflex omdat hij meehelpt de draai in het geboortekanaal te maken.

Rond de 10 weken in de baarmoeder raakt hij actief en dit zal aanhouden tot een periode tussen de 5 en 9 maanden.

Voorbeelden van een niet goed geïntegreerde Spinal Galant reflex:

  • incorrecte rotatie van de heup;
  • afwijkend looppatroon;
  • slechte motorische grove motoriek;
  • liever geen strakke kleding dragen;
  • scoliose;
  • ADHD;
  • slechte blaascontrole
  • bedplassen;
  • gevoelig voor het prikkelbaar darmsyndroom;
  • moeite om stil te kunnen zitten;
  • zwak korte termijn geheugen;
  • aandacht en concentratie problemen;
  • neiging tot friemelen.

Filmpje over Spinal Galant Reflex

Spinal Perez Reflex (rug-bekken-reflex)

We hebben deze reflex nodig om: delen van ons brein te integreren, het is de basis voor de coördinatie van het gehele lichaam, flexie/extensie van wervelkolom en ledematen, houdingscontrole, aandacht en cognitieve ontwikkeling.

Hij raakt actief rond de 12 weken in utero en blijft dit tot ongeveer 6 á 9 maanden na de geboorte.

Voorbeelden van een niet goed geïntegreerde Spinal Perez reflex:

  • zwakke rugspieren;
  • deformiteiten in de wervelkolom;
  • laat kruipen en lopen;
  • afwijkend looppatroon;
  • auditieve en tactiele hypersensitiviteit;
  • bedplassen;
  • incontinentie;
  • allergieën;
  • maag- darmproblematiek;
  • overgevoelige zintuigen;
  • zwak lange termijn én korte termijn geheugen;
  • onzekerheid;
  • impulsief gedrag;
  • angsten.

Bonding Reflex

Deze reflex zorgt voor veiligheid van ons systeem van binnenuit. Het zorgt voor een balans tussen denken en voelen. We hebben deze reflex nodig om het gevoel van zelfacceptatie te ontwikkelen, vertrouwen en zelfvertrouwen, voor het verkrijgen van innerlijke rust en een goede communicatie.

In de baarmoeder is deze reflex actief vanaf 12 weken en hij blijft actief tot 10 maanden na de geboorte.

Voorbeelden van een niet goed geïntegreerde Bonding reflex:

  • afhankelijk zijn in relaties;
  • zelf afwijzend gedrag;
  • emotionele kwetsbaarheid;
  • isolatie;
  • compensatie gedrag onder stress;
  • moeite om anderen te kunnen vergeven;
  • gebrek aan vertrouwen in anderen;
  • gebrek aan zelfvertrouwen;
  • gemis van innerlijke rust;
  • te ver openstaande zintuigen;
  • moeite met authentieke communicatie (bij jezelf blijven).